Politicus
Zijn schijnheiligheid is oprecht
Hij meent niet wat hij zegt
Zijn waarheid is plausibel
Zijn opinies flexibel
Declareert zonder bonnen
Schnabbelt bij voor tonnen
Vele zogenaamde vrienden
Die onder hem dienden
Vinden hem erg slecht
Zij danken hun bestaan
Aan zijn loopbaan
Zij prijzen hem laf
Wensen hem in het graf
Roemen zijn naam
Azen op zijn baan
Tonen ongezonde interesse
In zijn jonge secretaresse
